28 juni 2017

Wat is je vakantie(dag) waard?

De loonwaarde van een vakantiedag blijft de gemoederen in het arbeidsrecht bezighouden. Niet genoten vakantiedagen dienen bij het einde van de arbeidsovereenkomst door de werkgever aan de werknemer te worden vergoed. De vraag is welke loonbestanddelen aan een vakantiedag dienen te worden toegerekend.

In 2011 bepaalde het Hof van Justitie van de Europese Unie dat: "elke last die intrinsiek samenhangt met de uitvoering van de taken die de werknemer zijn opgedragen is een arbeidsovereenkomst en waarvoor hij een financiële vergoeding ontvangt, wordt gerekend tot de vakantiebeloning van de werknemer".

Daarbij heeft het Europese Hof overwogen dat het aan een Nationale rechter is om te beoordelen of er een intrinsiek verband bestaat tussen de verschillende componenten van het loon van de werknemer en de uitvoering van de taken die hem zijn opgedragen in zijn arbeidsovereenkomst. Dat intrinsieke verband is er voor wat betreft het reguliere (kale) maandsalaris, de vakantietoeslag en de vaste eindejaarsuitkering. Ook het gemiddelde van vergoedingen voor overwerk en werken op bijzondere uren moet daartoe worden gerekend.

Bonus

De Kantonrechter te Groningen oordeelde recent dat ook de gemiddelde bonus in de waarde van de vakantiedagen tot uitdrukking dient te komen en datzelfde geldt voor het werkgeversdeel van de pensioenpremie. De Kantonrechter meende dat de werknemer de bonus heeft ontvangen vanwege zijn bijdrage aan de resultaten van de onderneming. Daarbij citeerde de Kantonrechter uit de brieven waarbij de werkgever de werknemer met betrekking tot de hoogte van de bonus informeerde. Om die reden werd het standpunt van de werkgever dat er geen intrinsiek verband bestond omdat de bonusregeling eigenlijk een winstdelingsregeling was en gebaseerd was op de wereldwijde resultaten en de West-Europese resultaten van de werkgever verworpen.

Temeer dat als de werkgever de toekenning van de bonus anders had geformuleerd en geen relatie had benoemd met de door de werknemer persoonlijk geleverde bijdragen dit oordeel mogelijk anders zou zijn uitgevallen. Het is dus van belang goed naar de toekenningsbrieven te kijken.

Werkgeversdeel

De Kantonrechter meende dat – net als de Rechtbank Amsterdam in 2011 - ook het werkgeversdeel van de pensioenpremie tot het vakantieloon behoort. Hoewel dat loon niet aan de werknemer wordt uitgekeerd, stelt de Kantonrechter dat de arbeidsovereenkomst en de daarin opgedragen taken voor de werkgever met zich meebrengen dat het werkgeversdeel van de pensioenpremie is verschuldigd. Wanneer de werknemer in dienst zou zijn gebleven en zijn vakantiedagen had opgenomen zou ook over die periode pensioenpremie verschuldigd zijn geweest. De Kantonrechter overweegt dat een werknemer niet in een meer nadelige positie mag geraken als hij zijn vakantiedagen niet opneemt.

Oplossing

Er geldt een verjaringstermijn van vijf jaar voor het invorderen van de niet geheel uitbetaalde vakantiedagen. Dit kan worden kortgesloten door met de werknemer een formele beëindigingsovereenkomst te sluiten waarin het bedrag dat wordt uitgekeerd voor de betaling van vakantiedagen en finale kwijting wordt vastgelegd.

Vragen?

Hebt u vragen naar aanleiding van deze informatie? Neem dan gerust contact op met
mr. Gerard Zuidgeest om uw situatie te bespreken: 0172 - 50 32 34 of g.zuidgeest@lgga.nl

Auteur
Mr. G.B.M. (Gerard) Zuidgeest

Advocaat & Partner

Bel Gerard Zuidgeest