9 mei 2019

Einde voor slapende dienstverbanden na 2 jaar ziekte in zicht?

Bij de invoering van de WWZ is de verplichting ontstaan om een transitievergoeding te betalen aan iedere werknemer, die wordt ontslagen en langer dan twee jaar in dienst is geweest. Anders dan voorheen, is daardoor ook een transitievergoeding verschuldigd bij ontslag van een werknemer, die langer dan twee jaar ziek is geweest. Voor veel werkgevers is dit onbegrijpelijk; na twee jaar salarisdoorbetaling moet er ook nog een ontslagvergoeding worden afgetikt. Zodoende wordt er in de praktijk vaak voor gekozen om de langdurige arbeidsongeschikte werknemer “slapend” in dienst te houden. Werkgevers hoeven na twee jaar ziekte geen loon meer door te betalen, maar aan de arbeidsovereenkomst wordt verder ook geen inhoud meer gegeven. De werknemer blijft in dienst, maar “slapend”. De Hoge Raad moet nu uitspraak doen of dit toegestaan is of dat een werkgever toch verplicht kan worden een arbeidsovereenkomst na 2 jaar ziekte te beëindigen.

Positie van de werknemer

Veel langdurige zieke werknemers voelen zich niet prettig in de situatie, waarin zij slapend in dienst worden gehouden. Zelf ontslag nemen is echter geen optie, want dan bestaat er per definitie geen recht op een transitievergoeding. Werknemers vinden dus dat hun werkgever verplicht moet worden tot ontslag over te gaan. De werkgevers doen dat nu niet; enkel en alleen om betaling van de transitievergoeding te voorkomen. Dat wordt oneerlijk gevonden.

De afgelopen jaren hebben diverse langdurige zieke werknemers via de rechter geprobeerd hun werkgever te dwingen de arbeidsovereenkomst te beëindigen, zodat zij wél een transitievergoeding zouden ontvangen. Vele rechters hebben geoordeeld dat er in Nederland geen ontslagplicht geldt en dat werkgevers, die een slapend dienstverband in stand houden, daarmee niet in strijd handelden met het goed werkgeverschap. Ook levert dit geen ernstig verwijtbaar handelen op, waardoor evenmin recht bestaat voor de langdurig zieke werknemer op een billijke vergoeding.

Recente ontwikkelingen en tegenstrijdigheden

De wetgever heeft het fenomeen van de “slapende dienstverbanden” inmiddels wel als problematisch erkend en daarom is er een Compensatieregeling bedacht, die werkgevers moet vergoeden voor de transitievergoeding, die zij na 2 jaar ziekte bij ontslag moeten betalen. Door de Compensatieregeling ondervinden werkgevers geen financieel nadeel meer van het beëindigen van de arbeidsovereenkomst, zo is de gedachte van de wetgever, waardoor zij wél geneigd zullen zijn de arbeidsovereenkomst na twee jaar ziekte te beëindigen, zoals dat vóór inwerkingtreding van de WWZ gebruikelijk was. De Compensatieregeling treedt op 1 april 2020 in werking en heeft dan terugwerkende kracht tot transitievergoedingen, die na 2 jaar ziekte zijn betaald vanaf 1 juli 2015.

Met de Compensatieregeling op komst is een nieuwe golf van rechtszaken ontstaan. Langdurig zieke werknemers met een slapend dienstverband stellen zich nu op het standpunt dat er door de komst van de Compensatieregeling (die terugwerkende kracht heeft) geen financiële drempel meer is voor hun werkgever om niet tot ontslag over te gaan na twee jaar ziekte.

Steeds vaker lijken rechters nu gevoelig voor dit argument. Zo oordeelde de kantonrechter Den Haag dat een arbeidsovereenkomst van een terminaal zieke werknemer onmiddellijk moest worden opgezegd onder betaling van de transitievergoeding.

Andere rechters zijn nog niet zo ver. Zij voelen bijvoorbeeld mee met het argument van de werkgever dat de Compensatieregeling nog geen geldende wetgeving is en dat het uitbetalen van de transitievergoeding een behoorlijke voorfinanciering kan vergen. Het is in die omstandigheden volgens hen nog altijd niet in strijd met goed werkgeverschap om een slapend dienstverband in stand te houden.

Hoge Raad aan zet

De aangekondigde Compensatieregeling heeft in ieder geval de nodige rechters aan het twijfelen gebracht en dus ook tegenstrijdige uitspraken veroorzaakt. Daarin heeft de kantonrechter Roermond op 10 april jl. aanleiding gezien om de Hoge Raad te vragen een standpunt te bepalen en duidelijkheid te scheppen. De Hoge Raad zal nu dus uitspraak moeten doen of een werkgever – op grond van het goed werkgeverschap – enerzijds toch verplicht kan worden een arbeidsovereenkomst na 2 jaar ziekte te beëindigen of anderzijds, dat hij een voorstel van een werknemer om met wederzijds goedvinden tot beëindiging te komen, moet aanvaarden.

Mogelijk heeft een standpunt van de Hoge Raad uiteindelijk ook invloed op de Compensatieregeling. Het zou heel goed kunnen dat bij een verplichte beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de verplichting tot betaling van de volledige transitievergoeding, veel vaker een beroep gaat worden gedaan op de Compensatieregeling. Dan zal in de loop van de tijd weer een nieuw probleem ontstaan: Is de Compensatieregeling wel te financieren? Wie weet keren we dan toch weer terug naar de oude situatie van vóór 1 juli 2015, namelijk dat bij einde dienstverband na twee jaar ziekte simpelweg geen ontslagvergoeding hoeft te worden betaald. Van de ontwikkelingen houden wij u uiteraard op de hoogte.

Meer informatie

Voor meer informatie en advies kunt u terecht bij mr. A.I. (Angela) Mekes en andere advocaten van onze sectie arbeidsrecht.

Wilt u in de toekomst op de hoogte worden gesteld van onze artikelen en gratis kennissessies? Schrijf u dan hier in voor onze driemaandelijkse nieuwsbrief.