Contact

  • Bel 0172 503 250
  • Routebeschrijving
Bezig met zoeken...

Aanwijzingsbevoegdheid en noodverordeningen

Op 12 maart 2020 heeft de minister van Medische Zorg en Sport (de minister) vergaande maatregelen afgekondigd om de (verdere) verspreiding van het coronavirus zoveel mogelijk te beperken. Aangekondigd werd dat evenementen met meer dan 100 personen in heel Nederland t/m 31 maart 2020 worden afgelast. Intussen zijn op 15 maart 2020 door de minister samen met de minister van Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media (minister van Onderwijs) aanvullende maatregelen afgekondigd, waaronder de sluiting van scholen, kinderdagverblijven, sportscholen en horecagelegenheden. Deze maatregelen gelden t/m 6 april 2020. Ook zijn de op 12 maart 2020 aangekondigde maatregelen verlengd t/m 6 april 2020.

Update

Op 23 maart 2020 heeft het kabinet aanvullende en aangescherpte maatregelen aangekondigd ter bestrijding van het Corona-virus gericht op evenementen en samenkomsten. Op 25 maart 2020 hebben de 25 veiligheidsregio's de 3e noodverordening COVID-19 getekend. Hieronder bespreken wij de inhoud van de 3e noodverordening. Daarbij is bepaald dat het verbod op evenementen geldt tot 1 juni 2020. De overige maatregelen gelden in elk geval tot en met 6 april 2020.

GRIP

De voorzitter van de veiligheidsregio Hollands-Midden[1] heeft op dezelfde dag dat de minister de aanvankelijke noodmaatregelen aankondigde (12 maart 2020) opgeschaald naar GRIP4. GRIP is de afkorting van gecoördineerde regionale incidentbestrijdingsprocedure en is de aanduiding voor een veiligheidsregeling die ingaat bij een (grote) ramp of crisis. Deze regeling kent verschillende stadia (GRIP1 t/m GRIP5). Bij GRIP4 is sprake van een crisis die de gemeentegrenzen overschrijdt en kan de voorzitter van de veiligheidsregio bevoegdheden van burgemeesters binnen die regio overnemen voor zover dat noodzakelijk is ter bestrijding van de crisis. In dat verband stelt de voorzitter van de veiligheidsregio op grond van artikel 39, tweede lid, van de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) een regionaal beleidsteam (RBT) samen. Het RBT bestaat uit de burgemeesters van de gemeenten die betrokken zijn of dreigen te worden bij de ramp of crisis, alsmede uit de hoofdofficier van justitie. Verder wordt de voorzitter van elk direct betrokken waterschap uitgenodigd deel uit te maken van het beleidsteam.

Aanwijzingen minister

Op grond van artikel 7, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid (Wpg) kan de minister in verband met de bestrijding van een epidemie van een infectieziekte de voorzitter van de veiligheidsregio opdragen hoe de bestrijding ter hand te nemen. In dat verband heeft de minister in een drietal aanwijzingen van 13, 15 en 23 maart 2020 de voorzitters van de veiligheidsregio’s de opdracht gegeven om hun bevoegdheden op het terrein van openbare orde en veiligheid in te zetten om verdere verspreiding van COVID-19 tegen te gaan.

3e Noodverordening COVID-19 Veiligheidsregio Hollands-Midden

De voorzitter van de veiligheidsregio Hollands-Midden heeft, na raadpleging van het RBT, op grond van artikel 39, eerste lid, van de Wvr in combinatie met artikel 176 van de Gemeentewet op 13, 16 en 25 maart 2020 een regionale noodverordening vastgesteld. Bij de vaststelling van de ‘3e Noodverordening COVID-19 Veiligheidsregio Hollands Midden’ is de ‘2e Noodverordening COVID-19 Veiligheidsregio Holland Midden’ ingetrokken.

Inhoud noodverordening

Op grond van deze noodverordening is het verboden om samenkomsten te laten plaatsvinden, te (laten) organiseren of te laten ontstaan, dan wel aan dergelijke samenkomsten deel te nemen. Onder 'samenkomsten' wordt blijkens de noodverordening verstaan: openbare samenkomsten en vermakelijkheden als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, samenkomsten in voor het publiek openstaande bouwen en daarbij behorende erven, alsmede in vaartuigen, en samenkomsten buiten de publieke ruimte. Dit verbod geldt niet voor de in de noodverordening aangewezen samenkomsten, mits de aanwezigen te allen tijde te minste 1,5 meter afstand houden tot de dichtstbijzijnde persoon. De samenkomsten die niet onder het verbod vallen zijn:

  • wettelijk verplichte samenkomsten (zoals vergaderingen van gemeenteraden (max. 100 personen) of vergaderingen van de Staten-Generaal;
  • samenkomsten die nodig zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties (max. 100 personen);
  • uitvaarten en huwelijksvoltrekkingen (max. 30 personen);
  • samenkomsten van religieuze of levensbeschouwelijk aard (max. 30 personen).

Daarnaast bevat de noodverordening nog een zevental andere verboden. Het betreft - op hoofdlijnen - de volgende verboden.

  • Het verbod om zich in een groep van drie of meer personen op te houden zonder tot de dichtstbijzijnde persoon in die groep en andere personen een afstand te houden van ten minste 1,5 meter met uitzondering van gezamenlijke huishoudens en spelende kinderen.
  • Het verbod om contactberoepen uit te oefenen met uitzondering van zorgverleners.
  • Het verbod om zich te bevinden in door de voorzitter aangewezen gebieden en locaties. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat een park of het strand wordt gesloten. Voor bewoners en in geval van noodzakelijke werkzaamheden blijven de gebieden wel toegankelijk.
  • Het verbod om onderwijsactiviteiten te verrichten in onderwijsinstellingen, tenzij sprake is van (nood)opvang of onderwijs op afstand.
  • Het verbod om opvang te bieden in verblijven voor kinderopvang.
  • Het verbod om personen die niet noodzakelijk zijn voor de zorg toe te laten tot een door de zorginstelling beheerde zorgaccommodatie of een woonvorm in de ouderenzorg, tenzij sprake is van een overlijden, structurele vrijwilligers of gerechtelijk horen.
  • Het verbod om een van de inrichtingen die in de verordening zijn aangewezen geopend te houden. De inrichtingen die zijn aangewezen zijn: eet- en drinkgelegenheden, sport- en fitnessgelegenheden, sauna's, seksinrichtingen, coffeeshops (met uitzondering van afhaalfuncties), inrichting waar speelautomaten worden bespeeld en inrichtingen waarop de uiterlijke verzorging gericht contactberoepen worden uitgeoefend.

De verboden zijn niet van toepassing op de betrokken hulpdiensten en toezichthouders, activiteiten die noodzakelijk zijn voor de voortgang van vitale processen en door de voorzitter te bepalen (categorieën van) gevallen.

Daarnaast is ook een bepaling opgenomen op grond waarvan de voorzitter in overleg met de vervoerder voorzieningen voor openbaar vervoer kan beëindigen of beperken, indien niet aan de vereiste afstand van 1,5 m kan worden voldaan.

Gevolgen noodverordening

Als gevolg van de noodverordening moeten alle aanwijzingen ter uitvoering van de verordening gegeven door daartoe bevoegde ambtenaren onmiddellijk worden opgevolgd. Ook kan de politie personen direct verwijderen, bijvoorbeeld als in strijd met de verordening toch samenkomsten plaatsvinden.

Handhaving/overtreding noodverordening

Met het toezicht op de naleving van deze verordening zijn belast: ambtenaren van politie, (gemeentelijke) buitengewoon opsporingsambtenaren, toezichthouders en militairen van de Koninklijke Marechaussee. Een dergelijke aanwijzing van toezichthouders is nodig op grond van artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Op grond van de Awb zijn toezichthouders bevoegd om elke plaats te betreden. Alleen als het gaat om een woning is toestemming van de bewoner nodig. Toezichthouders kunnen verder inlichtingen vorderen maar bijvoorbeeld ook inzage vorderen in identiteitspapieren.

Overtreding van de noodverordening is een overtreding die wordt gestraft op grond van artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht. Dat artikel bepaalt dat overtreding van een algemeen voorschrift, zoals een noodverordening, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie (maximaal € 4.350,-).

In de veiligheidsregio Haaglanden[2] is een (gelijkluidende) noodverordening van kracht. Uit de tekst op de website van de veiligheidsregio Haaglanden lijkt te volgen dat bij overtreding van de noodverordening een last onder dwangsom zal worden opgelegd, waarbij als de overtreding niet wordt beëindigd een dwangsom van € 10.000 euro of hoger wordt verbeurd. Een dergelijke bestuursrechtelijke handhaving staat los van de eventuele strafrechtelijke vervolging van overtreding van het in de verordening opgenomen verbod.

Onder verwijzing naar de aankondiging van de Minister van Justitie & Veiligheid wordt op de website daarnaast vermeld dat de boetes voor individuen kunnen oplopen tot € 350,- euro en voor bedrijven tot € 4000,-.

Geldigheidsduur noodverordening

De 3e Noodverordening COVID-19 Veiligheidsregio Hollands Midden is direct na de bekendmaking in werking getreden. In de 3e Noodverordening is niet opgenomen tot welke datum de verordening van kracht is. De minister heeft aangekondigd dat de verboden in beginsel tot 6 april 2020 gelden, met uitzondering van het verbod op evenementen. Het verbod op evenement geldt tot 1 juni 2020. Mochten de andere verboden ook na 6 april 2020 noodzakelijk zijn, dan hoeft geen nieuwe noodverordening te worden vastgesteld. Dit betekent wel dat de verordening te zijner tijd moet worden ingetrokken.

Andere veiligheidsregio’s

Naast de hiervoor genoemde veiligheidsregio’s Hollands-Midden en Haaglanden, hebben ook alle andere veiligheidsregio’s waaronder de nabijgelegen veiligheidsregio’s Kennemerland[3] en Utrecht[4] de noodverordening getekend.

Schade

De beperkende maatregelen vinden hun grondslag in de Wpg, de Wgr en de Gemeentewet. Het gaat hier om rechtmatige overheidsbesluiten en de schade die burgers en bedrijven hiervan ondervinden komen in beginsel voor rekening van de burgers en bedrijven. Weliswaar is er sprake van een grote impact maar aangezien niemand wordt ontzien, is er in beginsel geen reden om burgers en/of bedrijven een tegemoetkoming in de schade te geven in de vorm van nadeelcompensatie. Het kabinet heeft uiteraard wel oog voor de financiële gevolgen van de crisis en om die reden worden er allerlei flankerende maatregelen genomen zoals fiscale maatregelen en werktijdverkorting.

Meer informatie

Overheden kunnen voor hun vragen over de maatregelen rondom de corona uitbraak terecht bij Anke van de Laar via 071-5124443 / 06-22698432.


[1] Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Krimpenerwaard, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten, Waddinxveen, Zoeterwoude en Zuidplas.

[2] Delft, ’s-Gravenhage, Leidschendam-Voorburg, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Midden-Delfland, Wassenaar, Westland en Zoetermeer

[3] Beverwijk, Bloemendaal, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Uitgeest, Velsen en Zandvoort.

[4] Amersfoort, Baarn, De Bilt, Bunnik, Bunschoten, Eemnes, Houten, IJsselstein, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, De Ronde Venen, Soest, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden, Woudenberg en Zeist.