12 april 2017 | Publicatie
Door: Angela Mekes

Werkgever aansprakelijk voor door personeel illegaal gedownloade versies

Het komt waarschijnlijk vaker voor dan gedacht: een werknemer die op zijn laptop of computer uit eigen beweging software installeert en gebruikt. Deze softwareprogramma’s, althans deze versies, die dus niet door de werkgever zijn voorgeschreven of geprogrammeerd, zijn vaak niet voorzien van een geldig licentiebestand. Er vindt dan feitelijk een inbreuk op het auteursrecht van de softwareleverancier plaats. En dat kan de werkgever duur komen te staan.

Softwareleveranciers lijken steeds alerter te zijn op het gebruik van illegale versies van hun programma’s. Via een ingebouwde beveiliging worden veelal signalen verstuurd naar de leverancier op het moment dat een (gekraakte) versie wordt gebruikt. Dat softwareleveranciers dan een - mogelijk onwetende - werkgever met succes kunnen aanspreken voor hun schade, blijkt inmiddels uit twee uitspraken van kantonrechters.

Deze oordeelden dat er al snel een functioneel verband bestaat tussen de aan de werknemer opgedragen werkzaamheden en zijn foutieve gedraging. De aanwezigheid van dit verband levert aansprakelijkheid van de werkgever op. Juist ook wanneer de werknemer goede bedoelingen heeft, omdat hij bijvoorbeeld de nieuwste versie van een programma met meer mogelijkheden voor zijn werkzaamheden wil gebruiken, ligt aansprakelijkheid op de loer. De werkgever heeft immers zeggenschap over de te gebruiken programmatuur en wanneer de werknemer de illegale softwareversie heeft gebruikt ten behoeve van het verrichten van zijn werkzaamheden, wordt aangenomen dat de werkgever de kans op het illegaal downloaden van de software heeft vergroot en aansprakelijk is.

Deze vorm van aansprakelijkheid gaat ver. Van belang is namelijk te beseffen dat de rechter voorbij gaat aan het feit of de software al dan niet op de privélaptop van de werknemer is gebruikt en ook voorbij gaat aan het protocol van de werkgever, waarin personeel uitdrukkelijk werd verboden zelf softwareprogramma’s te downloaden en te installeren. Dit verbod, hoewel het er op papier keurig uitzag, vormde aldus geen redding voor de werkgever ten opzichte van de softwareleverancier en diens claim voor vergoeding van de gederfde licentievergoeding en gemaakte kosten voor opsporing.

Wat kan een werkgever nog wel doen om de kans op schadeclaims te verkleinen? Het instellen van een verbod op illegaal downloaden blijft een begin, maar een werkgever zou er tevens goed aan doen zijn personeel duidelijk te waarschuwen voor de financiële consequentie, die overtreding van het verbod kan hebben om zodoende meer alertheid en bewustwording te creëren. Daarnaast kan het raadzaam zijn alle gebruikte computers en laptops periodiek te controleren op aanwezigheid van programma’s of versies, waarvoor geen licenties zijn verkregen. Tot slot kan mogelijk de aansprakelijkheidsverzekering een oplossing bieden tegen de schadeclaim van de softwareproducent.

Belangrijke les om te realiseren is dat zelfstandige downloadhandelingen van werknemers feitelijk ook gewoon te scharen zijn onder de categorie “schade toebrengen aan een derde in de uitoefening van het werk”. Net zoals voor een werknemer die bijvoorbeeld door het rijden met zijn vrachtwagen eigendommen van derden beschadigt, geldt ook nu dat een werkgever die schade dient te dragen.

Mr. A.I. (Angela) Mekes