Contact

  • Bel 0172 503 250
  • Routebeschrijving
24 juni 2020

Coronatijd: heeft een werknemer het recht om thuis te werken?

De thuiswerkervaringen tijdens de coronaperiode lopen zeer uiteen. Waar de een niet kan wachten om weer zoals vanouds op het kantoor te kunnen werken, kan een ander dat nog erg spannend vinden en liever thuisblijven. Heeft een werknemer dan het recht om thuis te werken? Het antwoord op deze vraag is recent door een kantonrechter beantwoord met: nee!

Thuiswerken tot nader orde

Vanaf 15 maart 2020 heeft de werkgever aan alle werknemers medegedeeld dat er tot nader orde thuis wordt gewerkt. De werkneemster wordt op 11 april opgeroepen om weer naar kantoor te komen, dat doet de werkneemster. Op 14 april vraagt de werkneemster toestemming om weer thuis te gaan werken, welke toestemming wordt gegeven onder het voorbehoud dat zij wel naar kantoor moet komen als dat nodig is. Op 6 mei bericht de werkgever aan alle werknemers dat zij weer op kantoor worden verwacht en dat daarvoor de benodigde veiligheidsmaatregelen zijn getroffen.

De werkneemster is het daar niet een eens en start een kortgedingprocedure, waarin zij de kantonrechter vraagt om de werkgever te veroordelen tot nakoming van de toezegging van 14 april dat zij thuis mag werken, gebaseerd op de Wet flexibel werken. Subsidiair vraagt de werkneemster aan de kantonrechter om haar standplaats te wijzigen, zodat zij tot 1 september 2020 thuis kan werken.

Afwijzing door kantonrechter

De kantonrechter wijst de vorderingen van de werkneemster af. De primaire vordering strandt op grond van art. 2 lid 16 Wet flexibel werken aangezien de werkgever minder dan tien werknemers heeft en dit artikel dus niet van toepassing is.

Ook de subsidiaire vordering (standplaatswijziging) wordt afgewezen. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever gemotiveerd en onderbouwd naar voren heeft gebracht dat zij in verband met de coronacrisis meerdere maatregelen heeft genomen om een veilige werkplek te waarborgen. De werkgever heeft bovendien uitgelegd dat het nodig is, zeker in deze economisch spannende tijd voor haar, dat haar werknemers aanwezig zijn op de werkplek. Er moeten pakketten worden aangenomen en bestellingen moeten verwerkt en vervolgens verzonden worden. Daarnaast begeleidt de werkneemster een collega. Gelet op de werkdruk bij de twee directe collega’s van de werkneemster, kunnen deze werkzaamheden niet alleen aan hen worden overgedragen.

Overheidsadvies geen recht

De kantonrechter overweegt dat het zeer algemeen geformuleerde overheidsadvies over zoveel mogelijk thuis werken niet zo ver ingrijpt op deze specifieke rechtsverhouding dat de werkneemster daaruit een ‘recht op thuis werken’ kan putten. Haar standpunt dat dit overheidsadvies de instructiebevoegdheid van de werkgever inperkt en/of op grond van redelijkheid en billijkheid zonder meer door een goed werkgever moet worden gevolgd, houdt geen stand.

Voor de uitspraak: klik hier

Meer informatie

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem contact op met Kim Diepstraten of een van andere de specialisten in arbeidsrecht.

Wilt u in de toekomst op de hoogte worden gesteld van onze artikelen en gratis kennissessies? Schrijf u dan hier in voor onze driemaandelijkse nieuwsbrief.